17 jun 2011

Slot en Afscheid

Buenos Aires, werd de stad van aankomst en vertrek.
Deze metropool laat een indruk van dualiteit na. Enerzijds springen verschillende negatieve factoren in het oog. Onveiligheid her en der, autos en bussen die hun stinkende uitlaatgassen uitproesten, hoge inflatie gepaard met lage lonen en woononzekerheid. Anderzijds vallen de mooie gebouwen uit glorierijke tijden op, de interessante wijken en musea, de tango.
Zondag jl. zou ik een bezoek brengen aan het museum voor Schone Kunsten, tot wanneer ik op een van de plaza's in de Recoletawijk verleid word tot het bewonderen van de tango. Met wat een passie, wat een overgave, charme en elegantie dansen en genieten in de late herfstzon drie jonge dansparen hier. Gedreven en geleid door nostalgische muziek die haar treurnis uitzingt, is het niet moeilijk het verdriet, het leed, de kwetsuren van generaties immigranten op te vangen, maar tegelijkertijd hun hartstocht, hun plezier, hun hoop te voelen.

Hier in Buenos Aires neem ik afscheid van deze reis door Zuid-Amerika, een droom was het die werkelijkheid is werd.
Het is een interessante en boeiende tocht geweest, vooral op menselijk vlak, en niet te vergeten zijn de hoogtepunten qua toerisme en natuur.
Het traject verliep grotendeels zoals gepland hoewel er bewust andere wegen werden bewandeld. Zuid-Bolivia, Paraguay en Peninsula Valdés werden vervangen door Noord-Chili, Galapagos en Esteros de Iberá.

Tenslotte wens ik jou, beste lezer, te bedanken voor je belangstelling en, desgevallend, je reacties. Hopelijk heb je er echt iets aan gehad.
Mogelijk volgt later nog een korte nabeschouwing, letterlijk vanop afstand dan.

Un Gran Saludo!,
Frans

14 jun 2011

Verblijven op een Argentijnse ranch

Aangezien de zuidkapers (walvissen) momenteel in de baai van Peninsula Valdés in het zuiden nog niet zijn aangekomen, kies ik voor "Esteros de Iberá", een evenwaardig alternatief dat zich 800 km ten noorden van Buenos Aires bevindt. Het is een gebied waar landbouw en natuur, of natuur en landbouw, harmonieus met elkaar verweven zijn. Deze uitgesterkte moerasvlakte van 13.000 km2 (bijna de helft van België) bestaat grotendeels uit pampas, een soort van ruwe weilanden waarop grote kudden vee grazen.

Mercedes is de naam van het zuidelijke stadje dat de poort vormt tot de Esteros. Hier ontmoet ik toevallig Victor en Jessica, dertigers die samen eigenaar zijn van vier estancias en 120 km noordelijker wonen, in het centrale dorp van de Esteros: Carlos de Pelligrini.
Een estancia is een grote ranch, met veehouderij en een centrale woning voorzien van enkele bijgebouwen, geen stallen. Veel belangrijker zijn de drie, vier of meerdere andere woningen errond waarin de "helpers" van de landheer wonen.
Naast het opknappen van allerlei karweitjes staan deze gauchos in voor de belangrijkste taak op een estancia met name het regelmatig bijeendrijven van het vee.

De estancia San Antonio waar ik logeer telt 4.000 ha, tweemaal Opwijks' oppervlakte dus, maar blijkt één van de kleinere te zijn. De grotere estancias rond Mercedes beheren 40.000 ha wat neerkomt op voedsel voor ten minste 10.000 runderen.
San Antonio's 4.000 ha werden onderverdeeld in een twaalftal "pampasterreinen" waarop telkens homogene groepen vee grazen (alle stieren van één jaar samen bv.).
De pampasgronden krijgen geen meststoffen, de dieren geen meel onder geen enkele vorm. Het malse en lekkere vlees dat Victor me op mijn bord aanbiedt, is inderdaad puur natuur zoals hij het met enige fierheid karakteriseert.

De ligging van deze estancia, San Antonio, is bijzonder gunstig. Ze situeert zich ongeveer twaalf kilometer uit het dorp van Carlos Pelligrini, en lijkt als een landtong, een schiereiland, ingeschoven in het beschermde moerasgebied dat het langs drie zijden omringt. Voornamelijk hierdoor tonen de gronden van de estancia zich tevens als een paradijs voor vogels.

Dit Braford rundveeras blijkt zeer goed aangepast te zijn aan de pampas. Alle dieren die ik zie verkeren in uitstekende conditie. Ze vragen geen toezicht, eten enkel (hard) gras en kruiden, krijgen nooit voedermeel en vinden water in de vele poelen en plassen van de moerasgronden. Ze krijgen wel zouten (vergelijkbaar met onze likstenen) ter beschikking.

Paarden worden in mindere mate gekweekt. Ze worden door de gauchos als werkdier (bijeendrijven vee) gebruikt en als transportmiddel, niet als slachtdier.

 Op een van de wandelingen ontmoet ik deze veertienjarige cowboy.
Zoals alle andere jongens die buiten het centrum van het dorp wonen gaat hij "te paard" naar school.
Overbodig te melden dat deze jonge gasten als het ware op hun paard "kleven", zonder zadel.

Om de twintig dagen worden de runderkudden bijeengedreven tot in de coral (foto) om zo door een bad te worden gestuurd. Dit bad is een diepe betonnen put gevuld met een oplossing van parasietdodende producten waarin ze gedwongen worden te springen zodat ze even kopje ondergaan. Op die manier worden alle delen van de huid gedesinfecteerd.
PS: Tegelijkertijd wordt van deze behandeling gebruik gemaakt om de dieren te vaccineren.

Estancia "San Antonio" is in tegenstelling tot vele andere estancias die zeer uitgestrekt zijn en luxueuse woningen herbergen, een eerder gewone, maar niettemin typische gauchowoning.

De drie mensen waarbij ik vier dagen mocht verblijven.
Vlnr.: Pablo, gaucho en de rechterhand van Victor,
Jessica, Amerikaanse biologe en feitelijke eigenares van deze estancia,
Victor, gaucho en landheer, van origine criollo (nakomeling van Spaans-Indiaanse afkomst) met Indiaans Guarani bloed.

In de meer moerassige delen van de Esteros zien de pampas er eerder "savanna-achtig" uit.
Typisch voor deze moerassen zijn de inheemse palmbomen.

De verscheidenheid aan vogels en andere dieren hier weergeven is een onmogelijke opdracht. Hopelijk kunnen de geselecteerde beelden iets tonen van de interessante biodiversiteit die hier te vinden is. 


De Hornero wordt als "nationale vogel van Argentina" aangeduid. Een eerder gewone en in de pampas algemeen voorkomende zangvogel. Zijn naam refereert naar "horno", het Spaanse woord voor "oven"; ovens worden in Zuid-Amerika immers ook uit barro (modder) gemaakt. Misschien herinner je je nog de foto van een oven in San José, Bolivia.
Het nest van de Hornero bestaat uit twee kamers. In de voorste kamer houdt het mannetje de wacht om te beletten dat andere mannetjes het vertrek zouden binnendringen en het vrouwtje zouden bevruchten. (NL naam: "ovenvogel")

Een zeer rare snuiter is de Chajá, een vrij grote vogel (75 cm lang) die het symbool van de pampas wordt genoemd en uitsluitend in centraal en zuid Zuid-Amerika voorkomt. Deze vogel die in een heel aparte familie bij de eendachtigen wordt ingedeeld lijkt eerder op een kalkoen. Wanneer je dichtbij, nou ja tot op een kleine honderd meter nadert, maakt hij verschrikkelijk veel lawaai, een "alarmroep" heet dat dan, al zet deze wel de halve pampa in beweging. Volgens kenners zou deze alarmroep dienen om de jongen te verwittigen dat ze moeten ontsnappen.
"Chajá" is geen Spaans maar een Indiaans Guarani woord dat "ontsnappen" betekent.

Een andere vogel die veel lawaai maakt, en sociaal in groepen op de pampas leeft, is de Monniksparkiet.
Deze kleine papegaai is de meest voorkomende die vooral in en rond de palmbomen kwettert. Het is de enige soort papegaai die niet in holen broedt maar een nest maakt uit heel doornige takken.
In België komt deze soort ook al in het wild voor als "ontsnapte" exoot.
Dit jong exemplaar viel acht maand geleden uit het nest, werd door Jessica gered en is zo haar huisdiertje geworden.
Hij luistert naar de naam "Chingo".

De densiteit van roofvogels op de pampas is enorm in vergelijking met deze van andere natuurgebieden. Er komen heel wat kleinere roofvogelsoorten ter grote van onze Torenvalk voor. Caracara's (foto) zijn zowat de grootste (grootte van  Buizerd) algemeen voorkomende soorten, arenden en gieren komen voor maar vanzelfsprekend in mindere mate.
Naast de Andescondor waarvan ik uiteindelijk enkele exemplaren kon zien in de Andes rond Salta, stond de tegenhanger van de Afrikaanse Struisvogel bovenaan op het verlanglijstje. Vergeefse zoektochten in de Andes gaven geen resultaat. Op de pampasterreinen in de Esteros zijn deze Nandoes blakend van gezondheid - nooit zo gezien in een Europese zoo of privé dierenpark - te bewonderen, als je snel bent tenminste, want het zijn zeer schuwe dieren.
PS: als je goed kijkt zie je een draad van de afspanning van de pampasweide.

De Goudborstspecht komt algemeen en in relatief grote aantallen voor op de pampas.
 Je kan ze vaak aantreffen op electriciteitspalen.

De capibara is het grootste knaagdier ter wereld. Dit exemplaar dat makkelijk dertig kilogram haalt, schuurt met zijn neusklieren tegen planten om zo zijn terrein af te bakenen.

Met deze Amerikaanse Reuzenijsvogel sluiten we het rijtje af.
Ja, met een ijsvogel!  ;-)

6 jun 2011

Vrienden bezoeken in Firmat en Buenos Aires

Firmat, het dorp waar Moira woont, is centraal gelegen in het
binnenland van Argentina.
Moira, vriendin van Liesbeth en Annelies, drong meermaals aan in haar
dorp even halt te houden. Dat bezoekje is een kleine week geworden en
is bijzonder.
In de Argentijnse warmte en hartelijkheid van haar en haar familie,
haar vrienden, in de spontaneïteit waarmee ze me meenemen om alles te
tonen in hun gemeente wat mij zou kunnen interesseren, laat dit land
zich langs een van zijn mooiste kanten zien.

In Buenos Aires ontmoet ik Ana, de Argentijnse vriendin van Lutgart.
Twaalf jaar geleden ontmoetten we haar voor het eerst in Boekarest.
Ana, wereldreizigster van het eerste uur, met een rijke culturewle
kennis dagelijks aangevuld door de lessen die ze geeft aan
buitenlandse studenten, stelt zich kritisch op tegenover haar land en
haar volk wanneer ze spreekt over de vele vormen van criminaliteit,
het gebrek aan verantwoordelijkheid waarmee quasi alle Argentijnen
leven.
Argentijnen kijken veelal op naar Europeanen, in alles wat ze doen. Over één zaak zijn ze het eens: vele Europeanen - met uitzondering van Zuid-Europeanen - zijn "muy frio", zeer koel, geven
of tonen niet de warmte die vele Zuid-Amerikanen wel uitstralen in hun
contacten.
Het is de zoveelste keer dat ik deze opmerking hoor op dit continent.

31 mei 2011

het Natuurfenomeen Iguazu

De watervallen van Iguazu zijn zonder twijfel een van de mooiste en meest impressionante natuurverschijnselen op aarde, dat is toch mijn persoonlijke indruk.

Hieronder vinden jullie een aantal foto's die, ik weet het, enkel een schuchtere poging zijn om deze pure schoonheid weer te geven.

De Roetgierzwaluw, bijna even indrukkend als de watervallen zelf,
werd gekozen als symbool voor het nationaal park Iguazu.

Bij het binnenkomen van het park zien we rechts verschillende takken van de Iguazurivier redelijk rustig onder de brugjes waarover we lopen, voorbij stromen, ondertussen horen we het geluid van de het vallende water aanzwellen.

Tussen de bomen krijgen we al een glimp van wat we gaan te zien krijgen door nevelgordijnen van druppels.



De tonnen vallende waters veroorzaken flamboyante opwaartse winden van grote, kleine en minuscule waterdruppels. 
In deze sterke stromen scheren de "vencejos de cascada", de roetgierzwaluwen, in zwermen spelend rond alsof het niks is.
Deze gierzwaluwen zijn zeer bijzondere luchtacrobaten (op foto niet te zien) die nestelen en broeden achter de gordijnen van het vallende water. Aanpassingen aan onder andere poten en tenen laten hen toe zich aan de natte rotswanden vast te hechten.



De watervallen vormen onderdeel van de plaatselijke jungle op de grens van het drielandenpunt van Argentina, Brasilia en Paraguay. Een aantal diersoorten waaronder Pluchekapgaai (familie van de kraaien, hierboven) en vele vlindersoorten laten zich hier makkelijk fotograferen.


De "Garganta del Diablo" (keel van de duivel, laatste twee foto's) vormt het hoogtepunt van de ontdekkingstocht.
Hier zie je alleen verbaasde en/of lachende toeristen in natte winden foto's nemen of gewoon in rustig genietend.

27 mei 2011

de Andes bij Salta, NW Argentina

Wat de Andes tonen in de buurt van Salta qua landschappen, geologische formaties en kleuren wordt als "surrealistisch" omschreven. De beelden hieronder zijn geplukt uit een tour tussen Salta en Cafayate.


In de 30 km lange "Kloof van de Schelpen" openbaren zich tientallen verschillende ruwe landschappen.

We huurden met z'n vieren (twee Duitsers, een Fransman, een Belg) een wagen en trokken twee dagen door de betoverende landschappen van bovenvermelde en andere quebradas.

Op bepaalde lokaties zien we duizenden cactussen.

Een zeldzaam verschijnsel: boven op deze cactus zitten twee papegaaien.
Moet zijn dat op dit topje de 6 tot 8 cm lange stekels niet voorkomen.

Een brede rivierbedding die er momenteel vrij droog bij ligt.

Schijfcactussen kronkelen over de dorre bodem in een poging te overleven.
Hier een exemplaar in vrij goede conditie.

Een van de vele bijzondere plooien.

Beeld in de zone van "los flechas" (pijlpunten).
De vormen zijn ontstaan door inwerking van regen en wind...

Zeldzaam beeld van troep verwilderde ezels.
Ze zijn blijkbaar bestand te overleven in deze beproefde omstandigheden.

Nico, een van onze beide Duitse compagnons, probeert een cactus in zijn apparaatje te krijgen.

De avondschemering, een rivierbedding, machtige bergen,...

20 mei 2011

San Pedro in de woestijn van Noord Chili

San Pedro de Atacama in de Atacamawoestijn die wordt beschreven als de meeste droge woestijn ter wereld, is een toeristisch dorp met nog geen 3000 inwoners. De jaarlijkse regenneerslag situeert zich tussen de 35 en 40 mm (in België ongeveer 900 mm). Het regent hier dus bijna niet, enkel in februari kan men wat regen verwachten. Niettemin is dit een aantrekkelijk dorp waar jaarlijks 800.000 toeristen neerstrijken, de top dus in Chili. Gelukkig is het nu laagseizoen en zijn er niet zo heel veel toeristen.

Hoewel ik helemaal geen woestijnfanaat ben, bekoort dit dorp me bijzonder. Ik weet eigenlijk niet waarom, zijn authenticiteit, zijn bomen en struiken verknocht aan en getekend door dit aride bestaan, de verscheidenheid aan toeristen die je hier aantreft, het aanbod dat er is aan mooie winkeltjes met kunstwerkjes, de gezelligheid, ik weet het niet, misschien is het alles samen ...
Enfin het is fantastisch hier te mogen zijn.

Hieronder vind je wat foto's die een idee kunnen gegeven van San Pedro en omgeving.

Ochtendfietstochtje in de woestijn.
Naast de zeer schaarse houterige planten en de afwezigheid van enige vorm van dierlijk leven, maakt vooral de immense stilte indruk.
PS: Merkwaardig aan deze verkeersinfo is dat men waarschuwt voor slipgevaar bij het regen..., zal wel terecht zijn.

Hier en daar komen toch wat planten voor, maar soms zie je over honderden meters geen enkele plant.
 Er zijn maar twee plantensoorten (op foto) die het volhouden, soms komt ook een derde soort voor.

In deze woestijn komen door de aard van de bodem en door de inwerkng van erosie en andere factoren, verschillende rare geologische formaties voor. Hier "Valle de la Muerte" (de vallei van de dood).

Vanop een hoogte in de woestijn enkele kilometer van San Pedro krijgen we zicht op de lintvormige oase die zich door het aride gebied slingert.

In werkelijkheid correspondeert het groene lint met een rivier (op de foto van linksonderaan naar rechtsbovenaan) die smeltwater hoog uit de Andes aanbrengt.

Het water van de rivier wordt grotendeels afgetapt en door een kunstmatig kanaal geleid zodat er geen verlies is van water in de bodem. Vanuit dit grotere kanaal vertrekken kleine kanaaltjes (foto) die delen van het dorp en landbouwgronden bevoorraden.
PS: het drinkwater haalt San Pedro uit geboorde putten, waarna het gezuiverd wordt
.
Een stukje "landbouwlandschap" van San Pedro. De oogsten lijken gering, maar ze bestaan dank zij het ingenieuse irrigatiesysteem.

Zicht op de percelen van een landbouwbedrijf.
Vooraan een voedersilo bestaande uit een soort van gedroogde planten, daarachter maïspercelen.

16 mei 2011

Met de bus door Peru van noord naar zuid

Na een kort verblijf in de Ecuadoriaanse hoofdstad Quito, een moderne zuidamerikaanse stad waar je de typische kenmerken van Boliviaanse steden als La Paz en Santa Cruz nauwelijks kan in terugvinden, reizen we met de bus door naar La Paz, of... dat was toch de bedoeling. In stopplaats Lima (Peru) aangekomen verneem ik dat er al een week geen doorgang is naar La Paz. Er is een zoveelste "bloqueade", wegsperringen zijn dat als gevolg van stakingen. De eerste minuut voel ik spijt, want ik had graag mijn Boliviaanse vriend Alex teruggezien in La Paz en ook zeker de Salar de Uyuni in zuid Bolivia verkent.
Na even de kaart bekeken te hebben wijzig ik met enige genoegdoening het plan. Ik zal doorreizen naar het noorden van Chili naar San Pedro de Atacama, een stadje dat aan de voet ligt van een vergelijkbare woestijn als de Uyuni-Salar. En vandaar kan verder gereisd worden naar Salta in Argentina, het eerste en wellicht laatste land van deze tocht.

Dit betekent dat ik de volledige Peruaanse kuststrook van noord naar zuid vanachter een raampje in de bus heb kunnen bekijken.
De beelden hieronder zijn zo mogelijk typisch voor de Peruaanse kust (en dus niet voor geheel Peru met zijn overigens prachtige natuur). Ze zijn bijna allemaal genomen in een schokkende en zwiepende bus met vuile ramen en bijgevolg niet van de beste kwaliteit.

Vervoer van producten (hier fruit) met een fietskarretje is in Peruaanse kuststeden sterk ingeburgerd.
Dit was in Boliviaanse steden bv. niet te zien.

Op bepaalde plaatsen, soms honderden meters lang, zie je massa's zwerfvuil langs de weg liggen. Ook in steden en dorpen liggen er hopen vuil samengesmeten in putten van het voetpad. Dit geeft een zeer vuile en verwaarloosde indruk aan buitenlanders maar ook aan een deel van de eigen bevolking die zich wél bewust is van de problematiek.

Grote delen van de hoofdstad en metropool Lima zijn modern ingericht zowel qua urbanisatie, architectuur als sociale voorzieningen (winkels, hospitalen, ....)

Een park met leuke speeltuin bij het centrum van hoofdstad Lima.

Naast de fiets-riskjas nemen gemotoriseerde ricksjas (een motorfiets op twee achterwielen voorzien van een dak en twee plaatsen achterin) veel van het taxi-vervoer voor hun rekening.

 
Beeld van één van de vele Peruaanse nederzettingen langs de kust, eigenlijk geen echt dorp.
Alle kotjes en krotjes lijken opgetrokken zonder veel organisatie of overleg. Een beeld dat evengoed in het arme Bolivia zou kunnen genomen zijn.

Op bepaalde plaatsen is er irrigatie in de droge zanderige kustgronden en groeien er landbouwgewassen die in goede staat lijken te zijn.

Dergelijke barakken zijn geen uitzondering, nee.

Opnieuw een van de weinige plaatsen waar wat landbouw mogelijk was.
Wat veel meer voorkwam zijn enorme kippenbarakken, maar daar heb ik geen foto van.

De laatste honderden kilometers in het zuiden van Peru tot aan de Chileense grens tonen niets dan dorre bodems. Mogelijk kan je dit woestijn noemen maar van enige charme is hier geen sprake.